16 november 2018

Keer op keer dompelt hij haar onder water

Keer op keer dompelt hij haar onder water
Bericht uit de TussenVoorziening in Eelde, waar INLIA statushouders op weg helpt in hun nieuwe leven in Nederland.

 

Hij toont een foto van zijn kinderen. Trots. Hij kijkt er zelf ook even naar. Naar zijn drie zonen en zijn dochter. Zijn prinsesje. Zes jaar oud is ze op deze foto; ze blikt met grote ogen de camera in. De foto is van vóór de bominslag. Van vóórdat ze in brand kwam te staan. Zijn vrouw raakt het scherm even aan. Hij verbijt zijn tranen.

Hier in de TussenVoorziening in Eelde, waar INLIA vluchtelingen die in Nederland mogen blijven op weg helpt in hun nieuwe bestaan, zijn Ibrahim en Aïsha ver weg van het oorlogsgeweld in Syrië. Ver weg van de oorlog die hun kleine meisje zo heeft verminkt. Maar ook weer niet.

Ze leeft nog, goddank, ze leeft nog. Hun mooie, lieve, speelse dochter. Hun verminkte dochter. Ibrahim heeft haar keer op keer in water moeten onderdompelen om de vlammen te doven. Er sloeg een raket in en toen stond ze in brand. Haar broertje deels, zij helemaal. Benen, lijf, armen, hoofd, gezicht.

“Mijn vrouw en ik waren bezig ontbijt te maken, in Idlib. We hoorden geen vliegtuigen, anders waren we wel gaan schuilen. Twee van de kinderen speelden buiten. Layla en Karim. Als uit het niets hoorden we een klap, een inslag. Ik rende naar buiten en zag hen branden.”

Chemische wapens? Wie zal het zeggen. “De buren waren dood. Ik heb mijn kinderen in een watervat gedompeld. Het vuur ging maar niet uit.” Hij moet zijn dochter aan haar enkels vasthouden en steeds weer onderdompelen. Uiteindelijk doven de vlammen.

Op de Eerste Hulp peuteren artsen de kledingresten uit de verbrande huid van zijn dochter. Ze heeft een injectie gekregen om de pijn te stillen, maar ze schreeuwt het uit. Nog hoort hij haar gillen. In Idlib kunnen ze verder niets voor beide kinderen doen.

Het gezin mag van de vechtende partijen door naar een ziekenhuis in Turkije. “Eigenlijk mocht er maar één ouder mee, maar wij hebben toestemming weten te krijgen om als gezin te gaan.” Aïsha glimlacht naar haar man. Dit is een team, dat zie je.

In Turkije worden Karim en Layla geopereerd. Maar de medici maken een blunder. Daardoor zal de huid rond Layla’s ogen, neus, mond en oren huid niet meegroeien terwijl zij groeit. Ze kan niet ademen door haar neus, die is bedekt. Als vader Ibrahim haar iets wil laten zien, blijkt ze niets meer te kunnen zien. Hij schrikt zich rot. Operaties aan haar ogen verhelpen de blindheid, maar de andere problemen verergeren. Het meisje is in zichzelf gekeerd, boos, onhandelbaar.

Via facebook ontdekken Ibrahim en Aïsha dan de Amerikaanse Burnt Children Relief Foundation; een organisatie die behandeling in de VS regelt en ook overtocht en verblijf daar financiert. Ze mailen en zowaar: Aïsha mag met Layla en Karim naar Galveston, Texas. Ibrahim en de andere twee zonen moeten in Turkije blijven - de Amerikaanse autoriteiten laten geen hele gezinnen overkomen. Stel je voor: dan willen ze misschien blijven.

In Galveston ziet Layla ook een psycholoog. Die zegt: ze moet tussen de operaties door naar school, doen als alle andere kinderen. De juf en de klas heten Layla welkom. Juf geeft haar dagelijks een knuffel, klasgenootjes nemen haar op. Foto’s tonen het verminkte meisje poserend als ieder meisje van die leeftijd. Hoedje op, hoofd schuin, hand in de zij, smile. “Haar mentale staat ging van onder nul naar 100”, zegt Aïsha.

De professoren in Galveston maken een behandelplan tot Layla’s achttiende. Het kan nog goed komen. Aïsha wil daarom asiel aanvragen in de VS. Maar ondertussen is Donald Trump aan de macht gekomen. Ze worden van het ene moment op het andere het land uitgezet. Terug naar Turkije, terug naar af. De behandeling van Layla en haar broertje stopt abrupt. 

 

Binnenkort volgt het tweede deel van het verhaal van Ibrahim, Aïsha en hun kinderen. Dan leest u hoe het verder gaat; hoe het gezin naar Nederland reist en of daarmee de behandeling van Layla goedkomt. Let wel: de strijd van de ouders om hun meisje te helpen, is nog niet voorbij!


Dit verhaal is ook beschikbaar in Word-formaat als kopij voor het kerkblad. Ga daarvoor naar de pagina 'Artikelen voor de kerkbladen'