03 juni 2021

Raad van State: IND moet land van terugkeer vermelden in terugkeerbesluit

Raad van State: IND moet land van terugkeer vermelden in terugkeerbesluit
Op 2 juni jl. heeft de Raad van State uitgesproken dat de IND voortaan verplicht is om het land van terugkeer te vermelden in een terugkeerbesluit en dat een vreemdeling anders niet in vreemdelingenbewaring gesteld kan worden.


Deze verplichting volgt uit een recente uitspraak van het EU Hof van Justitie, waarin aangegeven werd dat op grond van art. 3  en 5 van de EU Terugkeerrichtlijn (2008/115) het land van terugkeer genoemd dient worden in een terugkeerbesluit. Volgens het Hof is dat noodzakelijk, omdat het voor een vreemdeling kenbaar moet zijn naar welk derde land hij zal worden verwijderd als het op gedwongen terugkeer aankomt. Dan kan hij namelijk eventuele belangen die aan terugkeer naar dat land in de weg staan, zo goed mogelijk naar voren brengen, zal hij beter in staat zijn doeltreffende rechtsmiddelen tegen het terugkeerbesluit aan te wenden, en zal hij eventueel een passende verblijfsvergunning kunnen aanvragen. 

Indien niet aan deze verplichting van het vermelden van het land van terugkeer in het terugkeerbesluit voldaan wordt, kan een vreemdeling niet in vreemdelingenbewaring gesteld en uitgezet worden. Volgens de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State mag de IND echter bij twijfel aan de nationaliteit van de vreemdeling wel meerdere landen van terugkeer in het terugkeerbesluit vermelden. Ook hoeft de IND, in de bij nationaal recht bepaalde uitzonderingsgevallen, geen terugkeerbesluit te verstrekken alvorens over te gaan tot in bewaringstelling en uitzetting.  

In asielprocedures wordt nogal eens door de IND getwijfeld aan de herkomst van een asielzoeker. Deze twijfel is dan de reden waarom de asielaanvraag wordt afgewezen. Vreemd genoeg komt het echter regelmatig voor dat de Dienst Terugkeer & Vertrek (DT&V) in het kader van de terugkeer vervolgens wèl uitgaat van het door de IND betwijfelde land van herkomst. Dat soort situaties zal met deze uitspraak nu hopelijk niet meer voorkomen. Ook zal het interessant zijn om te zien welk land (of welke landen) van terugkeer de IND straks gaat vermelden, indien een asielprocedure wordt afgewezen vanwege twijfel aan het land van herkomst en/of de nationaliteit van betrokkene.
 

Meer informatie:
De uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 2 juni 2021 met zaaknummer 202006815/1/V3 (download pdf-bestand, 15 pag's)
- zie met name rechtsoverweging 8.1
De uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 14 mei 2020 in de zaak FMS c.s. tegen Hongarije met zaaknummers C-924/19 PPU en C-925/19 PPU (ECLI:EU:C:2020:367) (link naar de Nederlandstalige tekst van het arrest op de website curia.europa.eu)
- zie met name paragraaf 115 en 116
 

Lees ook:
15-01-21  EU Hof van Justitie: amv-beleid strijdig met Terugkeerrichtlijn
24-08-18  Geen bewaring van asielzoekers die in afwachting zijn van uitspraak rechtbank

Dossier Vreemdelingenbewaring