09 april 2010

Rechtbank dwingt gemeente Utrecht tot noodopvang

Rechtbank dwingt gemeente Utrecht tot noodopvang
De gemeente Utrecht moet van de voorzieningenrechter van de rechtbank Utrecht noodopvang regelen voor een Afrikaanse moeder en haar kind die vanuit het VBL in Ter Apel door de rijksoverheid op straat zijn gezet. 


De uitspraak van de rechtbank Utrecht volgt op de uitspraak van het Europees Comité voor Sociale Rechten (ECSR) van 27 februari 2010. Het ECSR oordeelde dat Nederland kinderen van asielzoekers niet meer op straat mag zetten.

De minister van Justitie, die reeds op 27 oktober 2009 op de hoogte was gesteld van de uitspraak van het ECSR (zie ons bericht van 16-03-10 hierover), had in antwoord op vragen van het kamerlid Hans Spekman hierover eerder aangegeven dat hij de uitspraak van het ECSR als niet bindend beschouwt. De rijksoverheid ging daarom, in strijd met de uitspraak van het ECSR, gewoon door met het op straat zetten van kinderen van asielzoekers vanuit de diverse opvanglocaties. De Utrechtse rechtbank denkt hier kennelijk anders over en kent wel waarde toe aan de uitspraak van het ECSR.

De rechtbank heeft nu een voorlopige voorziening getroffen, die telefonisch aan de advocaat van de moeder is meegedeeld. De schriftelijke motivering komt begin volgende week, zo heeft de rechtbank laten weten. Het lijkt er voorlopig op dat de rechtbank Utrecht de lijn van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens volgt. Het Europese Hof beschouwt uitspraken van diverse Europese Comité’s namelijk ook altijd als gezaghebbend. 

Deze uitspraak is de eerste individuele beslissing van een rechter sinds het oordeel van het ECSR. Defence for Children International, die in 2008 het initiatief nam voor het indienen van de klacht bij het ECSR, verwacht dezelfde uitkomst in twintig nog lopende soortgelijke zaken.

Het samenwerkingsverband van gemeenten LOGO schreef naar aanleiding van de uitspraak van het ECSR een brief aan de minister, die tot op heden nog niet geantwoord heeft. Ondertussen doet zich de vreemde situatie voor dat de Nederlandse rijksoverheid vanuit Europese instituties wordt berispt voor het schenden van mensenrechten, maar dat gemeenten zich voor de Nederlandse rechter moeten verantwoorden als ze zich willen houden aan de afspraak met het rijk om na 1 januari 2010 geen noodopvang meer te bieden. "De wereld op zijn kop", aldus John van Tilborg, technisch voorzitter van het Landelijk Overleg Gemeentebesturen Opvang- en terugkeerbeleid (alsook directeur INLIA).

Meer informatie:
Expertisedossier Recht op Opvang