07 mei 2018

Baanbrekende uitspraak EHRM over staatloosheid

Baanbrekende uitspraak EHRM over staatloosheid
Op 26 april 2018 heeft het Europese Hof voor de Rechten van de Mens een baanbrekende uitspraak gedaan over staatloosheid. Het Hof komt in deze zaak van een staatloze man die al tientallen jaren in Kroatië verbleef, maar wiens verblijf nooit permanent geregulariseerd werd, tot de conclusie dat er sprake is van schending van artikel 8 EVRM, wat onder andere het recht op privé-leven inhoudt.

Het Hof stelt dat de bewijslast voor staatloosheid niet eenzijdig bij de betreffende staatloze persoon ligt, maar óók bij de staat waar betrokkene langdurig verblijf heeft. Het Hof houdt hierbij nadrukkelijk rekening met onmogelijkheden van staatlozen om in sommige gevallen sluitend bewijs te leveren van de staatloosheid. Uit het feit dat een staatloze persoon zichzelf in het verleden wel eens beschouwde als onderdaan van een bepaald land mag de staat niet zonder meer concluderen dat betrokkene daarvan ook de nationaliteit heeft en aldus niet staatloos is. Ook mag de staat een staatloze persoon niet zonder meer tegenwerpen dat deze in het verleden een mogelijkheid had om toelating tot een andere staat te krijgen maar die niet heeft geaccepteerd. 

Ondanks het feit dat de Kroatische autoriteiten in deze zaak twijfelden aan de staatloosheid van betrokkene, kende het Hof doorslaggevende betekenis toe aan de geboorteakte van betrokkene, waarin stond dat hij geen nationaliteit had, alsmede een verklaring van betrokkene zelf dat zowel de Albanese autoriteiten als de autoriteiten van het voormalige Joegoslavië hem mondeling hadden medegedeeld dat hij geen onderdaan van hen was. Het Hof vond het opvallend dat de Kroatische autoriteiten zelf niet eerder tot de conclusie waren gekomen dat betrokkene staatloos is en aldus niet voldeed aan de internationale verplichtingen betreffende staatloosheid.

Ook in Nederland is het tot nu toe erg moeilijk om erkenning te krijgen van het feit dat iemand staatloos is. Deze uitspraak zal dus ook voor de Nederlandse praktijk gevolgen hebben.

 

Meer informatie:
De volledige uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg van 26 april 2018 in de zaak Hoti vs Kroatië met nummer 63311/14 (download Engelstalig PDF-bestand, 43 pag's). 
Een Engelstalig artikel over deze uitspraak van mw Katja Swider MSc van de Universiteit van Amsterdam: A landmark decision by the European Court of Human Rights on residence rights of a stateless person (op de site van het European Network on Statelessness).