• Vluchtelingen2-thumb
    INLIA - partner van vluchtelingen
  • Vlag_rve_met_ned_klein-thumb
    Europees Comité voor Sociale Rechten: 'Illegale' kinderen mogen niet op straat (27/2/10)
  • De_krom-thumb
    "De regering moet de uitspraak van het Europees Comité gewoon naast zich neerleggen" (VVD-kamerlid De Krom op Radio 1, 6/4/10)
  • Prof
    "Illegalen moeten de medische zorg krijgen die ze nodig hebben" (prof. dr. Niek Klazinga)
  • Ruud_lubbers-thumb
    "Nederland moet jaarlijks 2500 vergeten vluchtelingen uitnodigen" (Ruud Lubbers)
  • Geesje_werkman-thumb
    "Een Buiten Schuld vergunning is zo zeldzaam als een orchidee langs de snelweg.” (Geesje Werkman, Kerk in Actie)
Medische zorg 

Medische zorg voor onverzekerde vreemdelingen
 
Op grond van de zgn. Koppelingswet zijn mensen zonder verblijfsstatus uitgesloten van het gebruik van collectieve voorzieningen. Zij kunnen dus ook niet deelnemen aan de verplichte zorgverzekering tegen ziektekosten. Toch heeft iedereen recht op medisch noodzakelijke zorg, ook al heeft men geen inkomen of uitkering waarmee men een dokter, apotheek of ziekenhuis zou kunnen betalen. En medici zijn op grond van hun beroepsethiek ook verplicht om, zeker in levensbedreigende situaties, iedereen te helpen. Daarom bestaat er een regeling voor (gedeeltelijke) vergoeding van de kosten die zijn gemaakt voor het verlenen van medische noodzakelijke zorg aan onverzekerde vreemdelingen.
 
Beperkte financieringsregeling
Sinds 1 januari 2009 wordt deze regeling uitgevoerd door het College Voor Zorgverzekeringen (www.cvz.nl). 
Uitgangspunt van de regeling is dat de patiënt altijd eerst zelf verantwoordelijk wordt gesteld voor het betalen van de rekening. Het CVZ stelt dan ook als voorwaarde voor vergoeding dat er sprake moet zijn van een (gedeeltelijk) onbetaalde rekening.
Artsen en andere zorgaanbieders kunnen onder bepaalde voorwaarden 80% van de door hen gemaakte, oninbare kosten van door hen verleende, medisch noodzakelijke zorg aan ‘bepaalde groepen in betalingsonmacht verkerende vreemdelingen zonder verblijfsvergunning’ declareren bij het CVZ. Alleen de zorg rondom zwangerschap en bevalling wordt voor 100% vergoed.
Dat kan betekenen dat de zorgaanbieder gaat proberen de resterende 20% van de onbetaalde rekening, die niet door het CVZ wordt vergoed, toch te innen bij de vreemdeling, eventueel met gebruik van dwangmiddelen als aanmaningen, incassobureaus en deurwaarders. Ook komt het voor dat onverzekerde vreemdelingen meteen aan de balie worden geweigerd. In andere gevallen wordt geprobeerd met de patiënt voorafgaande aan de behandeling al een afbetalingsregeling te treffen.   
 
Toegankelijkheid
De regeling van het CVZ maakt onderscheid in direct en niet-direct toegankelijke zorg:
  • direct toegankelijke zorg: zorg die zonder recept, verwijzing of indicatie toegankelijk is en vaak direct moet worden verleend. Hieronder vallen huisartsen, kraamhulp, verloskundigen, tandartsen en acute ziekenhuiszorg.
  • niet-direct toegankelijke zorg; zorg die toegankelijk is na recept, verwijzing of indicatiestelling. Het gaat hier om zorg verleend door apotheken, ziekenhuizen, GGZ-instellingen, verpleeghuizen en ambulancediensten.
Oninbare kosten voor verleende direct toegankelijke zorg kunnen worden gedeclareerd bij de regionale GGD of rechtstreeks bij het CVZ. Voor de niet-direct toegankelijke zorg heeft het CVZ contracten afgesloten met een (relatief klein) aantal ziekenhuizen, apotheken, GGZ- en AWBZ-instellingen. Dat betekent dat een onverzekerde vreemdeling in principe alléén terecht kan in een instelling die door het CVZ is gecontracteerd. Een asielzoeker die medicijnen heeft voorgeschreven gekregen kan bijvoorbeeld in een stad als Groningen met het recept maar bij één apotheek in een buitenwijk terecht. Alleen voor spoedeisende of zeer specialistische hulp kan een beroep worden gedaan op een niet-gecontracteerde instelling.
 
Basiszorgpakket onvoldoende
De minister wil de regeling laten aansluiten bij het basiszorgpakket van de collectieve zorgverzekering of de AWBZ. Daarbij wordt echter voorbijgegaan aan het feit dat vreemdelingen zonder verblijfsvergunning per definitie niet de mogelijkheid hebben een aanvullende ziektekostenverzekering af te sluiten.
Dat bijvoorbeeld dus ook alle kosten voor tandheelkundige zorg aan mensen ouder dan 21 jaar buiten de regeling vallen betekent dat mensen met hun gebitsklachten (te) lang blijven doorlopen en uiteindelijk met acute pijnklachten, of zelfs gevaarlijke ontstekingen en abcessen terecht komen op de afdeling eerste hulp of bij een kaakchirurg in het ziekenhuis.
 
Knelpunten: goede monitoring nodig
Het is dus duidelijk dat deze regeling leidt tot knelpunten in de toegankelijkheid van de medische zorg. Daarom is door zowel Tweede als Eerste Kamer bij minister Klink van Volksgezondheid aangedrongen op ‘monitoring’. Problemen kunnen worden gemeld bij de helpdesk van het CVZ op telnr 020-7978947 of via infoillegalen@cvz.nl. Het CVZ dient ieder half jaar de minister van de resultaten van de monitor op de hoogte te stellen.
 
Ook een aantal organisaties als Pharos, LOS en Lampion, verenigd in het Breed Medisch Overleg (BMO), heeft een inventarisatie van knelpunten gemaakt. In hun rapport zijn ook de gegevens die zijn verzameld via het “Meldpunt incidenten in toegang tot zorg” van de organisatie Dokters van de Wereld (www.doktersvandewereld.org) en Lampion (www.lampion.info) opgenomen. Eén van de aanbevelingen in het rapport is om de tandartsenzorg voor mensen boven de 21 jaar en fysiotherapie te laten vallen onder de definitie van medisch noodzakelijke zorg en dus voor vergoeding in aanmerking te laten komen en hierbij niet alleen te kijken of iets binnen het basispakket van de zorgverzekering valt. Een andere aanbeveling is om een duidelijk en uniform incassoprotocol voor deze groep patiënten vast te stellen (er wordt 80% vergoed, hoe komt de zorgverlener aan de ontbrekende 20%), waarbij rekening gehouden wordt met de specifieke kenmerken van de doelgroep. Verder stelt men voor o.a. om een jaar na invoering van de regeling de verdeling van de gecontracteerde instellingen (apotheken, ziekenhuizen) over het land opnieuw te bezien en mogelijk aanvullend extra instellingen te contracteren. Meer aanbevelingen en conclusies zijn hier te lezen.
 
Op het registratieformulier dat op de site van Dokters van de Wereld ingevuld kan worden, kan ook bemiddeling in een medische kwestie worden aangevraagd. Naast dit formulier is op deze site is ook nog de patiëntfolder “Toegang tot gezondheidszorg voor ongedocumenteerde personen” over dit onderwerp aan te vragen.
 
Wat doet INLIA?
Veel van onze cliënten hebben problemen met de (on)toegankelijkheid van medische zorg. Het is onze ervaring dat veel medici nog steeds onwetend zijn van het bestaan van vergoedingsregelingen of niet de moeite willen nemen zich er in te verdiepen. Ook schrikt men soms terug voor het extra papierwerk dat hulp aan een onverzekerde patiënt met zich mee zou kunnen brengen.
Waar nodig bemiddelt INLIA zodat mensen met hun klachten bij de juiste arts terecht kunnen en de kosten het geven van een medisch noodzakelijke behandeling niet in de weg staan. Afhankelijk van de woonplaats van de betrokkene is het soms ook mogelijk gebruik te maken van gemeentelijke regelingen zoals een noodpotje of een knelpuntenfonds, waaruit de kosten kunnen worden vergoed. Bijzondere aandacht gaat daarbij uit naar kwetsbare groepen zoals bejaarde asielzoekers, alleenstaande moeders met kinderen en alleenstaande minderjarige vreemdelingen.
 
INLIA werkt samen met regionale netwerken aan het optimaliseren van de zorg, en stimuleert en begeleidt onderzoek van bijv. de GGD naar de toegankelijkheid en kwaliteit van de zorg.
Op landelijk niveau dringt INLIA samen andere organisaties zoals het LOGO, Pharos, Dokters van de Wereld en LOS aan op verruiming van de wettelijke regeling. Denk aan het vergoeden van noodzakelijke tandheelkundige behandeling van onverzekerde vreemdelingen ook boven 21 jaar, het contracteren van meer apotheken per regio etc.
 
Stigmatiserend taalgebruik
Ten slotte: INLIA zal blijven protesteren tegen het onnodig stigmatiserende gebruik van de term ‘illegalen’ in verband met de vergoedingsregeling voor medische kosten. Hoewel ook het CVZ toegeeft dat een groot deel van de doelgroep van deze regeling niet illegaal is, maar rechtmatig in ons land verblijft, blijft men de term ‘illegalen’ gemakshalve gebruiken, zich daarbij verschuilend achter de terminologie die ook door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wordt gehanteerd.
De Nationale Ombudsman heeft een klacht van INLIA (d.d. 16/3/2009) over het taalgebruik door het CVZ inmiddels gegrond verklaard "wegens strijd met het vereiste van een correcte bejegening". Ook de Ombudsman vindt dat het CVZ voortaan onderscheid moet maken tussen illegalen en rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen (zie ons bericht van 2/6/2010).
INLIA heeft ook de minister herhaaldelijk verzocht (per brief d.d. 1/12/2009 en 16/3/2010) om de onzorgvuldige, feitelijk onjuiste en onnodig stigmatiserende term 'illegalen' niet meer te gebruiken.